
Teken zijn kleine spinachtigen. Ze variëren in grootte van een halve tot enkele millimeters. Ze worden zelden groter dan een centimeter.
Wereldwijd zijn er meer dan 850 tekensoorten. In Europa kennen we de volgende soorten die gevaarlijk zijn voor de hond: Ixodes ricinus, Rhipicephalus sanguineus en Dermacentor reticulatus. In Nederland komt de Ixodes ricinus het meest voor. Waarnemingen van de andere twee soorten nemen toe.
Teken zijn het hele jaar door actief, met name door de zachte winters blijven de teken, zodra de temperatuur boven de 5° Celsius . komt actief en vermeerderen ze zich nog sneller.
De levenscyclus van een teek begint als een larve en eindigt, via diverse tussenstadia, na 2-3 jaar als een volwassen teek. De volwassen teek laat zich vallen als er iets onder hem doorloopt, in de hoop dat hij op dat dier valt en zich kan vasthouden. De volwassen teek zuigt bloed van grotere dieren zoals koe, hert, kat, hond, paard en soms de mens. Teken kunnen maanden tot jaren overleven buiten de gastheer.
Na deze maaltijd is een vrouwtjesteek in staat duizenden eieren te leggen. Volgezogen ziet zo'n teek eruit als een erwt, terwijl ze er in niet volgezogen toestand als een klein zwart/bruin spinnetje uitzien.

Dermacentor reticulatus

Ixodes ricinus

Rhipicephalus sanguineus